Dit jaar vertrok ik met Christianne, Martin, Anja, Jan-Bart en Lia (vrouw Jan-Bart) met de trein naar Oostenrijk.
Na een dagje relaxt zitten en soms een work-out om met je zware tassen in een andere trein te komen, kwamen we zondagavond aan in ons appartement.
De volgende dag hebben we een schaatsclinic gevolgd. Deze werd gegeven door marathonschaatsers en die gaven je extra tips om zo soepel mogelijk te schaatsen zonder te vallen. Tijdens de tocht heb ik deze tips goed kunnen gebruiken.
Dinsdag stond om 5.15 uur de wekker, ontbijten, vele lagen kleding aan, vele spullen en uiteraard de Salomons mee. Buiten was het aardedonker. Met een lampje op je helm kon je voldoende zien om naar het ijs te komen. Over het ijs liepen we naar de start toe. Daar op een bankje schaatsen aan en naar de start. Horloge aan en het startschot klonk: de wedstrijd was begonnen.
Het eerste rondje in het donker schaatsen met vele lampjes om je heen: het leek bijna kerst. Na 1 rondje (12,5 km) begin je meer zicht te krijgen en kon je iets meer vaart gaan zetten. Niet te veel kracht verbruiken, want je wilt het de hele dag volhouden. Heerlijk een paar ronden geschaatst en toen bij een snel groepje aangehaakt. Wat ging dat hard, maar wat was het genieten! Vier ronden verder viel ik en was de snelheid eruit. Na 150km vond mijn lijf het mooi geweest. En mooi was het!
Zeer moe en voldaan naar huis. De volgende dag ontspannen gewandeld bovenop de berg waar we met een kabelbaan naar toe waren gegaan. Dagen daarna geschaatst op het grote meer van de Weissensee. Daar wordt geen wedstrijd gereden en was het ijs zeker dik genoeg om te genieten van het schaatsen. Met weinig scheuren en weinig mensen op het ijs (met een stuk of 10 AIJV-ers), kon je kilometers lang genieten van het schaatsen, dus dat hebben we zeker gedaan!
Na een lange, maar relaxte treinrit waren we weer thuis: wat een pracht week!
Hou je van schaatsen en lijkt het je leuk om volgend jaar ook te gaan?
Geef het door aan Wim of Marieke
Groeten, Saskia Delhez






